Congres All Inclusive: werk staat centraal in destigmatisering

07 maart 2019

Op vrijdag 1 februari organiseerde het Kennisconsortium Destigmatisering en sociale inclusie het congres All Inclusive. In the Colour Kitchen in Utrecht, een toepasselijke locatie in dit verband, verdiepten ruim 150 deelnemers zich in manieren om het stigma op psychische aandoeningen te verminderen en tot een meer inclusieve samenleving te komen. Het hebben en houden van werk is daarin een sleutelfactor, zo blijkt.

Twee kanten van destigmatisering

Dagvoorzitter Pauline Meurs, hoogleraar bestuur van de gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en voorzitter van de Raad voor de Volksgezondheid, heeft de indruk dat er steeds meer sprake is van stigma. Vaak gaat het terloops, onbedoeld zelfs. Maar het heeft veel impact. Naar haar mening wordt destigmatisering veel te veel gezien als een verantwoordelijkheid van de mensen die het slachtoffer zijn van een stigma. Het is net als met preventie: het zijn de mensen zelf die er iets aan moeten doen, die weerbaarder moeten worden. Daarmee wil zij niet zeggen dat dat niet goed is. Maar het is één kant van de medaille. We moeten ook kijken naar de processen van uitsluiting die in de maatschappij spelen, en hoe die beïnvloed kunnen worden. Wat doet de school waaraan? De gemeenten? Werkgevers? Hoe staat het met wet- en regelgeving? Pas als dat ook in beschouwing wordt genomen, kunnen we op een evenwichtige manier werken aan destigmatisering.

Destigmatisering: werk en sociale contacten zijn het meest effectief

Directeur wetenschap bij Kenniscentrum Phrenos Jaap van Weeghel presenteerde de meest recente inzichten rond de stigma-en destigmatisering. Wat is stigma? Van Weeghel gebruikt de volgende definitie:

  • Een letterlijk of figuurlijk merkteken (zoals in psychiatrische behandeling zijn);
  • dat personen onderscheidt van anderen;
  • en dat hen in verband brengt met onwenselijke eigenschappen (gevaarlijk, onbetrouwbaar, incompetent);
  • waarna zij door anderen worden afgewezen of genegeerd.

Why try?

De gevolgen van stigmatisering zijn ernstig. 25 tot 50% van de betrokkenen ervaart discriminatie (op alle gebieden), maar een veel groter aantal (50-75%) verwacht gediscrimineerd te worden, zo blijkt uit onderzoek. De gevolgen van verwachte stigmatisering kunnen ernstiger zijn dan die van ervaren stigma. Want als je verwacht toch gediscrimineerd te worden, waarom zou je dan nog proberen aan het werk te komen of een opleiding te gaan volgen? Why try?

Werk werkt destigmatiserend

Bij de start van het Kennisconsortium is een onderzoek gedaan naar stigma en destigmatisering, dat als nulmeting kan worden beschouwd. Daaruit wordt duidelijk dat het hebben van werk helpt bij destigmatisering. Daarnaast hebben sociale contacten in het algemeen een uitgesproken gunstige invloed op destigmatisering.

Werk en stigma

“Nog niet zo lang geleden betekende een psychische aandoening vrijwel automatisch een zogenaamd rusttraject bij de sociale dienst”, zegt Divosa-voorzitter Erik Dannenberg, “en dus geen re-integratie inspanningen.” Zo iemand werd overgelaten aan de zorg. “Maar we weten dat werk de sterkste herstelondersteuning biedt, dus dat is erg onlogisch”. In Nederland wordt sterk gedacht en gehandeld binnen de verschillende domeinen, zoals zorg en werk en inkomen, aldus Dannenberg. De financieringssystematieken dragen daar ook aan bij. Je hebt een diagnose nodig om zorg te verkrijgen. Dat betekent de focus op de aandoeningen, het uitvergroten daarvan. Dat is een goede voedingsbodem voor stigma’s.

Wat heeft u nodig?

De kunst is om stigma’s te doorbreken en mensen met een aandoening toch aan het werk te krijgen, aldus Dannenberg, Dat kan door minder te denken in termen van diagnoses en meer van een assessment. Niet: ‘wat heeft u?’, maar: ‘wat heeft u nodig?’. Maak een profiel van een cliënt of kandidaat waarin naast de zwakkere kanten ook diens sterke kanten worden benoemd. En benut vervolgens die krachtige kanten.

Echt luisteren

Martijn Voerman is manager bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en ambassadeur van Samen Sterk zonder Stigma (SSzS). Zijn chronische angststoornis zit hem regelmatig in de weg. Zelf heeft hij ervaren dat openheid over zijn aandoening helpt, en dat is ook de reden voor zijn ambassadeurschap. Maar open zijn of niet is altijd een persoonlijke afweging en hangt van veel dingen af, aldus Voerman. Hij zal dan ook zeker niet iedereen automatisch adviseren om altijd en overal open te zijn. Wel zijn er goede hulpmiddelen, zoals CORAL en de trainingen die SSzS heeft voor managers. De essentie voor managers bij destigmatisering is volgens Voerman om goed te luisteren. Echt te luisteren. Dus niet meteen een oplossing of een oordeel aandragen. En zorg dat de mensen die werk hebben niet uitvallen.

Vond u deze pagina interessant?

To prevent automated spam submissions leave this field empty.