Meer nadruk op preventie en vroegsignalering van EPA in Friesland

08 mei 2019

Samenwerking tussen gemeenten, zorgverzekeraar en GGZ kan leiden tot een lagere ziektelast bij de doelgroep met Ernstige Psychiatrische Aandoeningen (EPA) en daarmee tot lagere kosten. GGZ Friesland, De Friesland Zorgverzekeraar en de gemeenten Leeuwarden, Smallingerland en Súdwest-Fryslân zijn (met betrokkenheid van het UWV en de NZa, de Nederlandse Zorgautoriteit) een pilot aan het voorbereiden waarbij het FACT-team uit de GGZ en de wijkteams van gemeenten geïntegreerd worden tot één team. In deze pilot staan integraal samenwerken, de herstelvisie, preventief werken en lage administratieve lasten centraal. Tijdens de Leerbijeenkomst van 16 april jl. lichtten projectleider Pim Candel (bureau EHdK), Ludo Bosma (gebiedsteammedewerker gemeente Súdwest-Fryslân) en Lex Wunderink (psychiater/A-Opleider GGZ Friesland) de plannen toe.

Preventie en vroeg ingrijpen

De basisgedachte is om eerder in te grijpen met de juiste zorg en ondersteuning en daarmee niet te wachten tot de psychische problemen dermate groot zijn geworden dat verbetering moeilijk is en veel tijd gaat kosten. Oftewel: meer aandacht voor preventie en vroegsignalering, zodat crisisingrepen en langdurige behandeling in de gespecialiseerde GGZ minder vaak nodig zijn. In de praktijk blijken er drie groepen cliënten met EPA te kunnen worden onderscheiden:

  • Cliënten waar snel wordt ingegrepen en die in de GGZ terecht komen. Zij hebben met relatief snel herstel, gemiddeld genomen zijn deze cliënten na 2 jaar stabiel en functioneren zijredelijk zelfstandig, zonder grote ondersteuning vanuit de gemeente.
  • Cliënten waarbij minder snel wordt ingegrepen. Het herstel duurt langer en er is vaak sprake van terugval. Stabilisatie treedt doorgaans na 10 jaar op, waarbij ondersteuning nodig blijft.
  • Cliënten met een chronisch patroon. Bij hen is sprake van een afwisseling van crises met perioden van (relatief) herstel. Behandeling kan de problematiek verzachten, maar niet wegnemen.

Business case

Door in één team te opereren, hoopt de GGZ veel sneller problematiek te signaleren en daarop te kunnen ingrijpen. Dat vergroot de kans op beter herstel aanzienlijk. Beter voor de cliënt, maar ook een besparing. Dan is wel een andere inzet van het beschikbare geld nodig, namelijk meer aan ‘de voorkant’. Alhoewel de business case nog niet klaar is, is Candel er van overtuigd dat die een positief beeld zal laten zien. Het doel is om voor de zomer 2019 een besluit te nemen over het daadwerkelijk doorgaan van de pilot. 
 
In de eerste nieuwsbrief van dit jaar kwam dit project al ter sprake, naar aanleiding van het werkbezoek dat Fred Paling bracht aan Friesland.

Dit artikel is onderdeel van de nieuwbrief Samenwerking GGZ en W&I van mei 2019. Lees hier de overige items.

Vond u deze pagina interessant?

To prevent automated spam submissions leave this field empty.