Overslaan en naar de inhoud gaan

Internationale zorgtalenten vinden hun plek in de Nederlandse zorg door maatwerk opleidingstrajecten.

Gepubliceerd op 30 juni 2026

De personeelstekorten in de zorg vragen om nieuwe oplossingen. In de regio Eindhoven heeft mbo-opleider Summa een leer-arbeidstraject ontwikkeld voor nieuwkomers die in de Nederlandse zorg willen werken. Werkgever Vitalis heeft inmiddels goede ervaringen met deze ‘Internationals in de zorg’. 

Leren en werken

‘Vanuit de kinderopvangsector hadden we al ervaring met een leerwerk-traject voor partners van expats die hier aan het werk wilden’, vertelt Marieke Saris. ‘Daar zagen we hoeveel potentieel er zit in deze doelgroep. Veel mensen willen maatschappelijk relevant werk doen, maar vinden moeilijk aansluiting op de Nederlandse arbeidsmarkt. Toen zorgorganisaties aangaven dat zij ook kansen zagen voor deze doelgroep, zijn we met deze vraag aan de slag gegaan.’

Dat resulteerde in een praktijkgericht traject voor internationals tot zorg-assistent met ADL-taken (Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen), een cruciale functie binnen de zorg. Het programma omvat geen volledige mbo-opleiding, maar werkt toe naar een officieel mbo-deelcertificaat. Silvie Lambrechts: ‘Het traject duurt twintig weken. Deelnemers gaan minimaal twee dagen per week aan het werk bij een zorgorganisatie en volgen één dag les bij Summa. Dat past in het concept Leven Lang Ontwikkelen.

Maatschappelijk bijdragen

Naast vakinhoud ligt de nadruk op de Nederlandse taal en zorgcultuur. ‘De Nederlandse zorg werkt op veel punten anders dan in andere landen,’ legt Eva Kemps uit. ‘Hier draait het bijvoorbeeld sterk om activeren en eigen regie van cliënten. Dat vraagt een andere houding dan deelnemers soms gewend zijn. Daarom besteden we veel aandacht aan cultuur, communicatie – deelnemers moeten het Nederlands wel enigszins machtig zijn - en de rol van zorgprofessionals in Nederland.’

Zorgprofessional houdt hand van oudere vast

De deelnemers hebben allerlei achtergronden: verpleegkundigen, artsen, apothekers. ‘Zij brengen veel kennis en motivatie mee en hun taalniveau groeit razendsnel,’ zegt Silvie Lambrechts. ‘Deelnemers vinden het geweldig dat ze maatschappelijk bijdragen en meedoen. En als mooi pluspunt: hun partners – in de regio Eindhoven vaak werkzaam bij bedrijven als ASML en Philips – zijn blij met partners die het naar hun zin hebben; dat versterkt hun binding met de regio.’

Toekomstgericht investeren

Voor Vitalis was het vanaf het begin een logische samenwerking. De ouderenzorgorganisatie werkte al veel samen met Summa en zag direct kansen in het initiatief. Eva Kemps benadrukt: ‘Dit traject is niet uit krapte geboren, maar vanuit de wens om nieuwe doelgroepen aan te boren en toekomstgericht te investeren. Daarom hebben we hier veel tijd en begeleiding ingestoken. Die begeleiding is intensief. Kandidaten draaien in het begin boventallig mee en groeien stap voor stap richting zelfstandigheid. Dat vraagt een open houding van organisaties.’ 

Daarnaast betaal je als organisatie een bedrag per kandidaat. Marieke Saris: ‘Docenten kosten geld, werving en selectie ook. Subsidies of ondersteuning vanuit gemeenten kunnen helpen om meer plekken mogelijk te maken. Er zijn ook organisaties die dit vanuit hun MVO-pot financieren.’ ‘Met extra financiering zouden we direct meer deelnemers aannemen,’ vult Eva Kemps aan. ‘Het levert zoveel op: gemotiveerde medewerkers, meer inclusiviteit en mensen die duurzaam bijdragen aan de samenleving.’

Ambitie voor de toekomst

De resultaten zijn veelbelovend. In de eerste ronde waren er 80 aanmeldingen voor 12 plekken, in de tweede ronde 240 aanmeldingen voor 10 plekken. Bij Vitalis startten 4 deelnemers; zij werken nog allemaal binnen de organisatie. Inmiddels zijn er 8 kandidaten actief bij Vitalis, sommigen zelfs doorgestroomd naar vervolgopleidingen of andere functies binnen de zorg. In september start de derde ronde opleidingen.

Volgens de initiatiefnemers ligt er nog meer potentieel voor deze trajecten als de samenwerking met UWV en gemeentes verder ontsloten kan worden. Bijvoorbeeld bij een verbreding van de doelgroep met andere nieuwkomers dan de hiervoor beschreven groep. Denk aan statushouders en Oekraïense ontheemden. Gemeenten en UWV hebben goed zicht op deze doelgroepen. Marieke Saris: ‘De driehoek tussen overheid, onderwijs en werkgevers is heel belangrijk. Samen met de werkgevers zorgen wij voor maatwerkopleidingen en UWV en gemeenten kunnen de juiste werkzoekenden aan zo’n traject koppelen.’

De ambitie voor de toekomst is helder: doorgaan en uitbreiden. Want de combinatie van maatschappelijke impact, talentontwikkeling en arbeidsmarktvraag blijkt verrassend sterk. ‘Het is eigenlijk driedubbele winst,’ vat Eva Kemp samen. ‘Deelnemers doen weer mee, organisaties vinden betrokken medewerkers en internationals bouwen een toekomst op in Nederland. Dat maakt dit traject zo waardevol.’

Tips

  • Moedig werkgevers aan om naar deze doelgroepen te kijken, er zit veel arbeidspotentie.
  • Wees je ervan bewust dat anderstaligen met een werkvergunning voor dit soort projecten in aanmerking komen.
  • Stem de begeleiding goed af op de behoefte van de international, blijf in verbinding – ook na de opleiding - en biedt tijdig toekomstperspectief.
  • Informeer in jouw arbeidsmarktregio of er financiering is voor een dergelijk project.