Jeugd-LIV

Laatst bijgewerkt op 11 maart 2019
Omschrijving: 

Het jeugd-LIV is een belastingmaatregel ingevoerd per 1 januari 2018 en is bedoeld om de arbeidsparticipatie aan de onderkant van de arbeidsmarkt te stimuleren.
 

Doelgroep (voor wie kan dit instrument, methode of interventie worden ingezet?): 
Kosten/Subsidiebedrag: 

Subsidiebedrag verschilt per leeftijd. Bedragen voor 2018 liggen tussen de € 0,23 (18 jaar) en € 1,58 (21 jaar) per werknemer per verloond uur.

Doelstelling: 

Het jeugd-LIV is een tegemoetkoming in de loonkosten voor werkgevers wanneer zij jongeren van 18 tot en met 21 jaar in dienst hebben die het minimumjeugdloon verdienen. Het jeugd-LIV treedt in werking als gevolg van de verhoging van het wettelijk minimumjeugdloon per 1 juli 2017. Doel van het jeugd-LIV is werkgevers te compenseren voor het feit dat jongeren van 18 tot en met 21 jaar duurder worden door de verhoging van het minimumjeugdloon. Werknemers van 22 jaar vallen onder het ‘gewone’ LIV, omdat zij door de aanpassingen van het minimumjeugdloon recht krijgen op het (volle) minimumloon.

Algemene informatie: 

Het jeugd-LIV is per 1 januari 2018 ingevoerd.

De werkgever heeft recht op het jeugd-LIV voor elke werknemer die voldoet aan deze 4 voorwaarden:
1. De werknemer is verzekerd voor één of meer van de werknemersverzekeringen.
2. De werknemer geniet loon uit tegenwoordige arbeid in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3 tot en met 6 van de Ziektewet;
3. De werknemer heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd.
4. De werknemer is op 31 december van het jaar t-1: 18, 19, 20 of 21 jaar.

Let op! De eis van minimaal 1248 uren geldt niet voor het jeugd-LIV.

Heeft de werkgever voor een werknemer recht op het jeugd-LIV, dan krijgt de werkgever van de Belastingdienst een bedrag per verloond uur. Het bedrag aan jeugd-LIV per uur verschilt per leeftijd. Hoeveel de tegemoetkoming precies is, hangt dus af van het aantal verloonde uren van de werknemer en van zijn leeftijd. Omdat de verhoging van het minimumjeugdloon is ingevoerd per 1 juli 2017, wordt de tegemoetkoming over 2018 vermenigvuldigd met 1,5, waarmee de verhoging van de minimumjeugdlonen van 1 juli tot en met 31 december 2017 in 2018 wordt gecompenseerd. Zie tabel in Kennisdocument Wtl pagina 10. 

De leeftijd op 31 december van het jaar t-1 bepaalt het bedrag dat de werkgever per verloond uur krijgt. Voor een werknemer die op 31 december 2018 19 jaar is, krijgt de werkgever over het jaar 2019 € 0,28 per verloond uur. Voor een werknemer die op 1 januari 2019 jarig is en 19 jaar wordt (en op 31 december dus nog 18 jaar is), krijgt de werkgever over 2019 € 0,23 per verloond uur. 

Hoe worden de uurloongrenzen berekend?
De berekening van de uurloongrenzen voor het jeugd-LIV zijn gebaseerd op de WML-bedragen per 1 januari en 1 juli. Voor de berekening van de uurloongrenzen van het LIV wordt uitgegaan van het WML per 1 januari. De berekeningen van het LIV en jeugd-LIV zijn dus niet gelijk. Bij de berekening van de uurbedragen wordt uitgegaan van 260 dagen. De bandbreedte wordt aan de onderkant begrensd door het voor de betreffende leeftijd geldende minimumuurloon, gebaseerd op een normale arbeidsduur van 40 uur, verhoogd met een vakantietoeslag van 8%, naar voorbeeld van het LIV. De bovenkant van deze bandbreedte wordt begrensd door het minimumloon geldend voor de leeftijdsgroep die één jaar ouder is. Op deze manier valt ook het gemiddelde uurloon van jongeren die vroeg in het jaar jarig zijn tussen de gestelde grenzen. De bovengrens voor het minimumuurloon is gebaseerd op een normale arbeidsduur van 36 uur, verhoogd met een vakantietoeslag van 8%. Op deze manier valt iedereen binnen de bandbreedte die op het geldende minimumjeugdloon wordt betaald, ongeacht wanneer hij of zij jarig is in het jaar, en ongeacht de geldende normale arbeidsduur.
Alleen voor 21-jarigen is de bovengrens aangepast, om overlap met het reguliere LIV te voorkomen. De bovengrens van het jeugd-LIV is hierdoor gelijk aan de ondergrens van het reguliere LIV. Het gemiddelde uurloon van een werknemer wordt vastgesteld door het jaarloon te delen door de verloonde uren in het kalenderjaar.
De rekenregels met betrekking tot het berekenen van het jeugd-LIV, zijn te vinden op:
https://www.uwv.nl/werkgevers/formulieren/toelichting-rekenregels-wtl.aspx

Voor uitgebreidere informatie over de Jeugd-LIV, zie de bijlage (Kennisdocument Wtl). 

Met ingang van 1 januari 2017 is de Wet tegemoetkomingen loondomein van kracht. De Wtl bestaat uit drie soorten tegemoetkomingen voor werkgevers, het jeugd-LIV is er één van. De andere twee zijn: 

Werkwijze

UWV beoordeelt aan de hand van de Polisadministratie of de werkgever in aanmerking komt voor het jeugd-LIV, voor welke werknemer en voor welk bedrag. UWV geeft dit door aan de Belastingdienst. De werkgevers hoeft zelf geen verzoek te doen en er is geen doelgroepverklaring nodig, zoals bij het LKV. Het is wel belangrijk dat de werkgever het aantal verloonde uren goed invult.

Betrokken organisatie

Ministerie van Financiën

Contact: 

Het klantcontactcentrum van Antwoord voor bedrijven:

Telefoon 14088 of (0)88 042 4400

Bereikbaar op werkdagen van 9:00 tot 17:00 uur. Zie voor andere contact opties het Ondernemersplein.

Vond u deze pagina interessant?

To prevent automated spam submissions leave this field empty.