Overslaan en naar de inhoud gaan

Leerwerktraject installatietechniek: brug tussen onbenut talent en werkgevers

Gepubliceerd op 09 april 2026

‘Logisch nadenken wat zou kunnen werken en dat doen!’

Installatietechnici aan het werk

Hoe verbind je installatiebedrijven die technische medewerkers zoeken en gemeenten die mensen met een uitkering aan het werk willen helpen? Het leerwerktraject in Noordoost-Brabant biedt een blauwdruk.

‘In het verleden stelde WeenerXL vaak kandidaten voor die graag in de installatietechniek wilden werken, maar daar nog niet helemaal klaar voor bleken’, zegt Edwin Huisman van Koninklijke Kuijpers. Charity Timmers (WeenerXL/Werkcentrum NHN) valt hem bij. ’Wij merkten ook dat de mensen die wij bemiddelden naar werk nog niet helemaal pasten in de installatietechniek. Je moet kandidaten en werkgevers iets bieden om de onderlinge afstand kleiner te maken.’

Praktische aanpak

Timmers ging met Mariska Hermens (Werkcentrum Noordoost-Brabant) bedenken wat er nodig is om vraag en aanbod bij elkaar te brengen. ‘Wij spreken veel werkgevers en kandidaten, dus we weten wat er praktisch haalbaar is.’

Samen keken ze wat ze in de regio in huis hadden en maakten daarvan één traject. Timmers: ‘Daarbij hebben we ook de samenwerking met Wij Techniek opgezocht, het ontwikkelfonds van de installatiebranche. Voor een stukje financiering, maar ook om van gedachten te wisselen wat voor de installatiebedrijven zou kunnen passen. Zij brengen hun kennis van hun achterban in en denken goed mee in de organisatie van de projecten.’

Mariska Hermens en Charity Timmers
Mariska Hermens (l.) en Charity Timmers

Kandidaten voorbereiden

Om kandidaten voor te bereiden was er een laagdrempelige basisopleiding nodig. En een manier om de VCA-opleiding toegankelijk te maken voor kandidaten die de Nederlandse taal minder goed beheersen. Ten slotte moesten de kandidaten taallessen krijgen, gericht op vaktaal en de basiswerknemersvaardigheden voor de Nederlandse arbeidsmarkt. 

 Timmers en Hermens vroegen verschillende opleiders een voorstel voor de opleiding te schrijven en kozen voor Vakwijs vanwege hun maatwerk en flexibiliteit. Arno Brabers van Vakwijs vult aan: ‘We hebben het traject ook gefaciliteerd door ruimte beschikbaar te stellen voor taallessen, VCA-opleiding en werkgeverslunches. Ik denk stiekem dat ook meespeelt dat we er bovenal enorm veel zin in hadden.’

Timmers noemt nog een voordeel. ‘Bedrijven kunnen aangeven waar kandidaten extra op getraind moeten worden. Vakwijs heeft wel een vast programma, maar daarin is ruimte is om het een en ander aan te passen.’

Werkgevers bij het traject betrekken

Dat was de kandidatenkant. Maar hoe zit het met werkgevers? Timmers: ’Je kunt wel roepen waarom het belangrijk is om met kansrijke doelgroepen te werken, maar dan moet je ook zorgen dat werkgevers daarvoor de tools hebben. Dus hebben we ze een training interculturele communicatie geboden om te leren om te gaan met cultuurverschillen en taalproblemen. En ze konden ook een Harrie-training krijgen.’ 

Opstarten

Het opstarten kostte een half jaar volgens Timmers. ‘Werkgevers overtuigen, de financiering rondkrijgen, het MT meekrijgen. En de juiste, bevlogen partijen vinden. Het breed in de regio communiceren valt ook niet altijd mee. We hebben natuurlijk 10 gemeentes waar we allemaal aanmeldingen van willen krijgen. In het begin moet je dus veel zaaien.’ 

Het traject

Hoe ziet een traject er in de praktijk uit? ‘Er is eerst een informatiebijeenkomst waar steeds zo’n 25 bedrijven op afkomen’, zegt Timmers. ‘Een deel haakt af en de rest krijgt dan een persoonlijke toelichting op het traject in een volgende bijeenkomst. Tijdens het traject wordt er een kennismakingslunch met de werkgevers en deelnemers georganiseerd. Daar worden al de eerste matches gemaakt. Vaak mogen kandidaten een paar dagen meelopen, en als er een match is worden ze geplaatst. Dan is er natuurlijk nog coaching van kandidaat en werkgever. Ze worden niet in het diepe gegooid.’  

Werkcentrum

Timmers vindt het prettig dat het traject vanuit Werkcentrum is georganiseerd. Hierdoor is het echt een project dat regionaal gedragen wordt. De kandidaten komen van verschillende gemeentes, of van UWV. Door het vanuit het Werkcentrum te organiseren hebben de werkgevers niet met al deze organisaties te maken, maar met één organisatie. 

Ook de aanmeldingen voor regionale instrumenten zoals de Harrietraining of een interculturele training verloopt via het Werkcentrum. Dat maakt het minder ingewikkeld voor iedereen.’ Brabers: ‘Wat ik ervan merk is dat alles soepel loopt: korte lijnen, gelijk antwoord.’

De kandidaat met de juiste vaardigheden

Volgens Huisman is Kuijpers als werkgever positief over het leerwerktraject. ‘Wij zitten voornamelijk in de utiliteit, dus wij doen geen woningbouw, geen seriematig werk. Dat betekent dat je bepaalde vaardigheden moet beheersen om bij ons te passen. Door de nauwe samenwerking met Vakwijs weten zij dat en houden ze daar tijdens het opleidingstraject rekening mee. We zijn supertevreden over de 2 mensen uit het traject die bij ons werken.’ 

Brabers prijst Huisman om zijn kartrekkersrol. ‘Hij organiseert excursies waarbij kandidaten een indruk kunnen krijgen van het werk. En toen er voor een kandidaat bij Kuijpers in Den Bosch geen ruimte was, brak hij een lans om hem in de vestiging in Helmond aan het werk te krijgen.’ 

Charity Timmers, Arno Brabers en deelnemers aan het leerwerktraject
Charity Timmers (midden voor) en Arno Brabers (uiterst rechts) met deelnemers aan het leerwerktraject

Begeleidingscapaciteit van bedrijven

Inmiddels zijn er 3 trajecten afgerond. Bij de eerste 2 werden vrijwel alle kandidaten moeiteloos geplaatst. Bij het derde traject blijkt het toch wat lastiger. De arbeidsmarktcoaches horen vaak dat bedrijven zeggen te weinig begeleidingscapaciteit te hebben. Huisman: ‘In onze organisatie begeleidt iedere ervaren kracht een leerling. Ook verschillende medewerkers die net doorgestroomd zijn naar een nieuwe functie begeleiden leerlingen.’ 

‘We benutten dus echt alle capaciteit, maar dat is niet voldoende om de arbeidskrapte tegen te gaan. Dat speelt branchebreed. Daarom biedt Vakwijs ook een werkbegeleiderstraining voor vakvolwassen monteurs. Maar het bedrijf moet ook wel in begeleiding van instromers blijven investeren.’

Edwin Huisman (r.) met medewerker die via het leerwerktraject bij Kuijpers instroomde
Edwin Huisman (r.) met medewerker die via het leerwerktraject bij Kuijpers instroomde

Huisman wil dat in elk geval: ‘Nu is er een traject dat alles goed heeft georganiseerd om aan mogelijk gekwalificeerde medewerkers te komen, dan wil ik wel dat kandidaten ook echt bij werkgevers aan de slag kunnen.’ 

Hij heeft gemerkt dat andere bedrijven evenveel ambities hebben, maar het moeilijker georganiseerd krijgen. Daarom is hij van plan om bij netwerkbijeenkomsten op zoek te gaan naar feedback en tips om de begeleiding toch behapbaar te maken. En ook naar meer installatiebedrijven om mensen bij te plaatsen. Ook de branche wil daarover verder meedenken.

Gewoon doen!

Timmers vertelt dat het leerwerktraject wordt gezien als een blauwdruk. Niet alleen in andere regio’s, maar ook in andere branches in de regio. Wat kunnen ze ervan leren? ‘Het is erg belangrijk om in de arbeidsmarktregio echt open te staan voor samenwerking en niet te concurreren. Ik werk natuurlijk voor Den Bosch, maar het gaat niet om mijn kandidaten. Het gaat over de regio. We zijn er om de vraag van kandidaten en werkgevers samen te brengen. Mariska en ik krijgen vaak vragen om tips. Dan zeggen we dat het allemaal niet zo spannend hoeft te zijn. Logisch nadenken wat zou kunnen werken en dat doen!’

Tips en ervaringen

  • Wees positief kritisch welke kandidaten je laat doorgaan. Timmers: ‘In het eerste traject lieten we mensen die hun VCA-opleiding niet hadden gehaald toch toe. Dan is het toch in de praktijk gebleken dat het heel moeilijk is om ze te plaatsen. Dat doen we niet meer.’
  • Neem werkgevers mee bij de ontwikkeling van het project. Vraag waar zij behoefte aan hebben. Betrek ook het ontwikkelfonds van de branche erbij.
  • Leg de link met social return. In het kader daarvan kan een bouwbedrijf bijvoorbeeld een rondleiding voor kandidaten doen of ze er een praktijkopdracht laten doen.
  • Hou er bij het bemiddelen rekening mee dat niet alle gemeenten hetzelfde bieden. Wees bijvoorbeeld duidelijk naar werkgevers dat je niet kan garanderen dat iemand loonkostensubsidie krijgt, omdat de ene gemeente daar makkelijker in is dan de andere.
  • Vraag vooraf om commitment aan bedrijven. Deelname aan het traject is vrijwillig, maar niet helemaal vrijblijvend. Neem bijvoorbeeld de voorwaarde op dat een bedrijf bij een match ook een leerwerkplaats kan bieden.
  • Zorg voor bij de deelnemende bedrijven voor draagvlak in de hele organisatie. Daarbij zijn de mensen uit de operatie essentieel voor het succes van een traject. Betrek ook e de medewerker die de nieuwe collega in de praktijk gaat begeleiden, bij de voorbereiding!