Beter samenwerken dankzij een link tussen de valleys en de praktijk

Samenwerking in de regio rondom arbeidsmarktvraagstukken is cruciaal, maar blijkt in de praktijk makkelijker gezegd dan gedaan. Uit het project ‘Werkende Samenwerking’ van de vierde VNG Denktank komen interessante inzichten en handvatten naar boven om echte stappen te zetten.

De VNG Denktank, onder voorzitterschap van de burgemeester van Gouda, Milo Schoenmaker, richtte zich eind 2018 op het thema regionale samenwerking rondom verandering in de arbeidsmarkt. Het resultaat: een wetenschappelijk onderzoek van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) en de Erasmus Universiteit, en een handreiking om concreet aan de slag te gaan. De noodzaak van regionale samenwerking wordt volgens onderzoeker Jitske van Popering-Verkerk van de Erasmus Universiteit in de meeste regio’s wel erkend. “Maar vanzelf gaat het niet altijd.”

Tips voor een goed functionerende regionale samenwerking

  • Een heldere structuur van de samenwerking biedt houvast.
  • Mensen maken het verschil. Een samenwerking is meer dan een formeel stelsel van afspraken en regels. 
  • Oog voor het weefsel tussen personen en organisaties. Weefsel vormt een verbindend begrip tussen handelende individuen en formele structuren. Weefsel vormt zich met de tijd, door gestapelde ervaringen en belevenissen die partijen met elkaar hebben. Die ontwikkelen zich gaandeweg tot onderlinge patronen, gedeelde kaders 
  • Samenwerking ontstaat rondom een concrete opgave. In het samenstel van structuur, individu en weefsel staat een bepaalde opgave centraal.

Twee verschillende werelden

Een opvallende bevinding is dat er sprake is van een tweedeling binnen de regio’s. “We hebben aan de ene kant de mensen die zich inzetten voor de mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt, die dagelijks knokken om elke klant uit het bestand te halen. En aan de andere kant hebben we economische netwerken, valley’s of boards, die de economische ontwikkeling van een regio stimuleren en faciliteren. Maar we zien dat deze werelden vaak helemaal los van elkaar staan.”

Een gemiste kans, oordeelt Van Popering. Deze twee werelden hebben elkaar juist nodig. “Er mag dan wel economische groei zijn, maar leidt dat ook tot duurzame banen? Je kunt wel de groei vieren, maar niet alle arbeidsmarktvraagstukken zijn daarmee opgelost. Zo is er nog steeds sprake van een granieten bestand in de bijstand dat niet kleiner wordt.”

Stappenplan

Maar hoe versterk en verdiep je nu de samenwerking? In de handreiking zet de denktank vijf stappen uiteen. 

  1. Definieer het vraagstuk 
  2. Bepaal in welk netwerk de opgave speelt 
  3. Kies het perspectief 
  4. Investeer in gedeeld denken 
  5. Borg en verbind

Onderzoeker Van Popering: “Het is belangrijk om te weten hoe de regio in elkaar zit. Kijk eens goed naar het ecosysteem, naar het dna. Waar komen ondernemers en werknemers vandaan, wat zijn regionale knelpunten? In Zeeland zit de horeca bijvoorbeeld om personeel te springen en wat blijkt het grote probleem voor mensen die graag zou willen werken? Het vervoer. Met deze kennis kun je ook tot praktische oplossingen komen.”

Maak een attractieve agenda

Een andere term die veelvuldig valt in het onderzoek is het maken van een ‘attractieve agenda’. De onderzoekers benadrukken dat het in de regionale samenwerking niet zozeer gaat om vorm en structuren maar om inhoud. En daarvoor is een gezamenlijke opgave nodig.

Onderzoeker Van Popering: “Een agenda waar iedereen hard van gaat lopen, enthousiast van wordt. De agenda’s van de valley’s en boards zijn soms zo abstract dat niemand aan de slag gaat. En arbeidsmarktregio’s hebben vaak een probleemgedreven agenda, maar dat maakt mensen niet zo snel enthousiast.” Opvallend omdat op de werkvloer dat enthousiasme er zeker is. “Je ziet dat mensen zich keihard inzetten om bijvoorbeeld jongeren aan het werk te krijgen. Het is zaak om ook in de strategische samenwerking ook een agenda te formuleren waar mensen zich hard voor willen maken.”

Oog voor elkaars perspectief

Belangrijke aanbeveling is verder om oog te hebben voor elkaars perspectief. Sommige gemeenten werken bijvoorbeeld bovenal als een ‘rechtmatige overheid’. Ze zijn bezig met verantwoording of met de vraag of de politieke besluitvorming goed is geborgd. Dat is iets anders dan een organisatie die juist functioneert als een ‘presenterende’ overheid, die bezig is met effectiviteit en targets. “Als een organisatie weet te linken naar het perspectief van de andere partner kun je heel krachtig optreden. Hier valt nog veel in te winnen.”

Het onderzoek en de resultaten roepen veel herkenning op in de regio, weet Popering. “De kunst is nu om het om te zetten naar de praktijk. Het is belangrijk om in de dagelijkse praktijk af en toe stil te staan bij de vraag: waarvoor doen we dit? Met wie werken we samen? De urgentie om met arbeidsmarktproblemen aan de slag te gaan wordt in ieder geval overal gevoeld.”

Contact

Links en documenten

Vond u deze pagina interessant?

To prevent automated spam submissions leave this field empty.